Loading...

Notice

This multimedia story format uses video and audio footage. Please make sure your speakers are turned on.

Use the mouse wheel or the arrow keys on your keyboard to navigate between pages.

Swipe to navigate between pages.

Let's go

Het echte Casablanca

Logo https://verhalen.volkskrant.nl/het-echte-casablanca

Reisgidsen sturen je er liever niet heen, maar de Marokkaanse havenstad Casablanca is een parel. Voor wie het wil zien.

Met Casablanca is het vreemd gesteld. Het is een film en een stad, maar lange tijd was de film beroemder dan de stad. De film stamt alweer uit 1942, maar wie bij Casablanca nog steeds denkt aan Humphrey Bogart en Ingrid Bergman moet beslist eens kijken naar de foto’s die de Marokkaanse fotograaf Yassine Alaoui Ismaili, alias Yoriyas, maakte van het straatleven in Casablanca. Hij noemde ze Casablanca not the movie en ze wissen elke associatie met de film uit.

Goto first page

Yoriyas (31) vergrootte doodnormale mensen, dieren en voorwerpen uit of fotografeerde ze vanuit een opvallend perspectief, waardoor ze bijzonder worden. Het laat je extra lang kijken naar zoiets alledaags als voetballende jongens, een straathandeltje in spiegels of een witte kat in een park. Wie denkt bij zo veel leven nog aan Humphrey en Ingrid, die hun hele film opnamen in een Hollywoodstudio.

De vraag is: hoe komt iemand in het lelijke Casablanca tot zoiets moois? Want laten we er niet omheen draaien, het echte Casablanca is niet bepaald oogstrelend. In Marokko van Remco Ensel, zo’n boek vol handige weetjes voor de toerist, wordt een bezoek zelfs in bedekte termen afgeraden. Casablanca, aldus Ensel, mist ‘het typisch oriëntaalse’ van andere Marokkaanse steden.

Goto first page

Toen ik van 2007 tot 2010 in Marokko als correspondent werkte, kwam ik al gauw tot dezelfde conclusie. Casablanca is een heleboel niet. Het is geen Fes, waar het in middeleeuwse straatjes ruikt naar specerijen en ezelpoep. Het is geen Marrakech, waar tulbanddragende Saharamannen cobra’s laten dansen. En Casablanca is zeker geen Rabat, o heerlijk, overzichtelijk Rabat, waar ik elke straat kende omdat ik er vlakbij woonde.

Casablanca heeft een andere sfeer. Het is een havenstad, een uitpuilende werkstad. In 1860 woonden er achtduizend mensen en intussen zijn het er naar schatting zes miljoen. Dat is te danken aan de Franse overheersers die de stad vanaf 1912 omdoopten tot economisch centrum van hun protectoraat, waardoor elke werkloze sloeber uit de rest van Marokko voor-taan wist waar hij moest zijn om aan een baan te komen.

Goto first page

Het heeft Casablanca gemaakt tot een voortdurend uitdijende metropool, waar fabrieken, flats en woonwijken in een ongelooflijk tempo uit de grond worden gestampt. Zijn al die bouwsels mooi om te zien? Ehm, nee. Ik vond Casablanca een soort Marseille of Malaga, waar je best leuke plekken hebt, maar nooit zo bijzonder dat je ernaar terugverlangt als je er niet meer bent. Ik kwam bijna wekelijks in Casablanca, maar meestal alleen voor mijn werk.

Mijn gevoelens voor de stad begonnen om te slaan toen ik in Casablanca Ahmed Benchemsi interviewde, de hoofdredacteur van het tijdschrift Telquel. Na afloop vroeg hij waar ik woonde. ‘In de buurt van Rabat’, antwoordde ik, waarop hij moest lachen. ‘Dat is waar ook, jullie Europeanen houden van Rabat. Marokkanen snappen dat niet. Wij houden van Casablanca’, zei hij. Ik was verbaasd. Wat was er mis met Rabat? Maar vooral: wat was er zo leuk aan Casablanca?

Goto first page

Ik begon beter om me heen te kijken en ontdekte dat Casablanca misschien niet bijzonder is om te zien, maar het leven is er eerder de norm dan in de middeleeuwse straatjes van Fes of tussen de slangenbezweerders van Marrakech. De meeste Marokkanen wonen niet in middeleeuwse straatjes en ze verbazen zich net als buitenlandse toeristen over een cobra die begrijpt dat hij ritmisch moet bewegen op muziek.

Wie iets wil weten over het leven in Casablanca, zou een andere film over de stad kunnen zien, Casanegra (Nour Eddine Lakhmari, 2008). Die, de naam zegt het al, belicht de donkere kant van Casablanca, stad van de charlatans, dronkaards en dieven. De film werd een hit in Marokko, omdat iedereen het verhaal herkende. Het was droevig, maar het was tenminste echt, en een miljoen keer echter dan dat van Humphrey en Ingrid in hun nep-Casablanca.

Goto first page

In het echte Casablanca wonen overlevers en dat kan leiden tot misstanden, maar gelukkig levert het meestal iets beters op. ‘In Casablanca is iedereen bezig met geld verdienen en dat maakt inventief’, zegt Majid, een vriend die een half leven in Casablanca heeft gewoond voor hij naar Parijs vertrok. Via de telefoon vraag ik hem wat hij mist aan Casablanca en hij begint over de vitaliteit die grote bedrijven, sporters en kunstenaars heeft voortgebracht.

Goto first page

‘In Casablanca gebeurt het’, zei Benchemsi van Telquel destijds al tegen me. Ik had het kunnen weten, want als journalist kon ik niet om de stad heen. Ik bezocht er vrouwen- en mensenrechtenclubs, de universiteit, vakbonden, redacties, advocaten, islamologen en een seksuoloog. Ik stond in een abattoir dat een werkplaats werd voor beeldend kunstenaars en theatermakers. Ik sprak met figuren die hun werk aan de man probeerden te brengen, hun slippers gemaakt van autobanden en hun muziekdozen gevouwen uit sardineblikjes.

Goto first page

De stad dwingt je een uitvinder te zijn, de dingen om je heen te bekijken alsof je ze voor het eerst ziet. Toen ik dat eenmaal doorhad, vond ik Casablanca minstens zo mooi als Fes, Marrakech of Rabat. Kijk naar fotograaf Yoriyas, die het alledaagse zo prachtig uitlichtte. Hij werd geboren in Casablanca en begon al op zijn 5de met schaken. Hij raakte geïnteresseerd in wiskunde en logica, stapte op zijn 16de over op breakdance en koos in 2013 voor fotografie. Als je in het lelijke het mooie zoekt, is het overal.

Goto first page
Scroll to continue
Swipe to continue