Loading...

Melding

Dit multimediaverhaal bevat video- en geluidsfragmenten. Zet het geluid aan.

Gebruik het muiswiel of de pijltjestoetsen om tussen pagina's te navigeren.

Swipe om tussen pagina's te navigeren.

Hier gaan we

Syrische kinderen

Logo https://verhalen.volkskrant.nl/syrische-kinderen

INTROOOO

Naar boven

‘Wij hadden ons verstopt en hoorden vliegtuigen. We waren bang. Toen ik met mijn moeder, vader en tante hier aankwam, voelde ik me veel beter. We hebben een leuk huis. Ik heb geen eigen kamer, maar deel er een met een van mijn drie zussen. Mijn oudere zus is geboren in Syrië, maar de jongsten zijn hier geboren. Ik ben dol op mijn speelgoed: ‘Fulla’ is mijn favoriet.
Ik ga hier naar de kleuterschool. Mijn leraren geven mij een veilig gevoel en ik heb lieve vriendjes. Oudere meisjes begeleiden ons naar school. 
We gaan het kamp af om onze oom te bezoeken. Ik hou van de grote huizen hier op het kamp. Mijn moeder werkt in het ziekenhuis en geeft mensen injecties. Soms ga ik met haar mee. Ik zou graag verpleegster willen worden.'

Naar boven

‘Ik heb vier broers: ik ben het enige meisje. Zij zijn ouder dan ik en zijn allemaal geboren in Syrië. Ik herinner me niks van Syrië. Ons huis is prima. Ik hou van mijn vader en moeder. Ik heb speelgoed: een iPad, een telefoon, een kleurboek, een pop die ik in een buggy zet en een speelgoedboot en -auto. Ik ga naar school; ik leer; ik lees. Ik heb een leuke leraar Ik kan in het Engels tellen. Ik vind de kleuterschool leuk, ik heb hier het alfabet, mijn naam en mijn leeftijd geleerd. Ik heb vrienden gemaakt op school en heb een vriend op de kleuterschool. Ik bezoek dit kamp graag omdat mijn tante hier werkt. Nu hebben we wintervakantie. God zorgt ervoor dat ik me veilig voel.'

Naar boven

‘Ik heb geen herinneringen aan Syrië. Ik hou ervan om naar het restaurant in Zarqa te gaan, daar ben ik één keer geweest.’

Naar boven

Naar boven

Naar boven

‘Ik herinner me niets van Syrië. Ik hou ervan om naar het park te gaan hier in Zarqa.’

Naar boven

‘Ik woon hier met mijn oma, zij vertelt mij nooit verhalen over Syrië.’

Naar boven

‘Mijn ouders zeggen dat Syrië prachtig is. Ons huis hier is groot en prachtig. Wat ik het meest leuk vind aan het huis is mijn vader. Ik wil graag leraar worden. Ik hou van school.’

Naar boven

‘Ik herinner me Syrië niet. Ik zit nu in de eerste klas van de kleuterschool. Ik word het meest blij van naar buiten gaan. We gaan naar Haldi en Serhan in Jordanië, waar we zitten en eten. Ik heb twee broers en twee zussen. Ze zijn allemaal ouder dan ik.’

Naar boven

Naar boven

‘Ik was nog heel jong toen we Syrië verlieten. Ik kan me vaag nog mijn oom en mijn neefjes herinneren. Ik vind het leuk om boodschappen te doen.’

Naar boven

‘In Syrië hadden we kippen en een schaap. Mijn vader had een kleine winkel. We hadden ook twee auto’s. De witte moesten we altijd duwen.’

Naar boven

‘Ik heb twee zussen. De jongste is hier in Jordanië geboren. In Syrië woonde ik in een groot huis. Ik heb een leuke leraar en ik ben dol op leren.’

Naar boven

Naar boven

‘Het enige wat ik me kan herinneren aan Syrië is dat mijn zusje mij achternazat. Mijn vader nam ons mee naar Jordanië toe ik drie was.’

Naar boven

Naar boven

‘Mijn beide broertjes zijn hier in het kamp geboren. Van Syrië herinner ik me alleen nog de school. School hier is leuk, maar in Syrië was het leuker.’

Naar boven

‘Ik kan me de reis niet herinneren. Ik heb twee oudere zussen en een broer, die hier naar de kleuterschool gaat. Ik zat eerst ook op de kleuterschool, dat vond ik erg leuk. We leerden, speelden en kregen huiswerk. Nu ga ik naar school. Van school word ik blij. Ik studeer graag; wiskunde is mijn favoriete vak.
We hebben twee caravans met een ruimte daartussen. Een is om te slapen en de ander om mensen te ontvangen. Ik moet mijn slaapkamer delen. Ik hou van mijn speelgoed, het meest van mijn voetbal. Zo nu en dan bezoeken we mijn oom en tante. Zij wonen buiten het kamp. Mijn moeder zorgt ervoor dat ik mij veilig voel, maar ik weet niet hoe ze dat doet. Ik vind horrorfilms eng, maar ik kijk ze niet.

Naar boven

Naar boven

‘Ik herinner me Syrië niet, maar het is mijn land. Ik woonde met mijn opa en mijn vader in het zuiden van Syrië. Mijn opa werkt hier, maar mijn vader is overleden. Ik kan me niet herinneren dat ik naar Zataari ben gekomen. Ik heb twee caravans. Er wordt hier veel verbouwd - uien, knoflook, groenten. Ik speel graag videospelletjes, vooral racespelletjes. Ik slaap met mijn moeder, tante en zus. Ik voel me veilig, maar ik ben bang dat iemand me gaat vermoorden.'

Naar boven

‘Ik zou graag naar Syrië willen. Maar ik weet niet hoe het eruitziet. Mijn droom is om piloot te worden. Het park is mijn favoriete plek in Zarqa.’

Naar boven

‘Ik heb geen herinneringen aan Syrië. Ik heb het hier naar mijn zin. Ik ga graag naar school en help mijn moeder. Mijn oma woont hier ook. We hebben duiven, maar geen tuin.'

Naar boven

‘Ik heb geen herinneringen aan Syrië. Mijn jongste broertje is geboren in Jordanië. Ik hou van mijn buren. Zij zijn mijn beste vrienden.’

Naar boven

Naar boven

‘Ik herinner me Syrië niet. Ik zou graag leraar Engels willen worden.’

Naar boven

‘Soms vertellen mijn ouders me verhalen over Syrië. Ik heb veel speelgoed hier.’

Naar boven

‘Ik heb geen herinneringen aan Syrië. Ik heb zeven zussen. De oudste is 20 jaar oud. Ik help mijn moeder en vader graag met het doen van klusjes.’

Naar boven

Naar boven

‘Ik heb geen herinneringen aan Syrië. Hier hebben we een park waar ik graag voetbal met mijn vrienden.’

Naar boven

‘Ik heb weinig herinneringen aan Syrië. Ik herinner mijn oma en ik had een fiets. Ik vind school hier leuk.’

Naar boven

‘Ik herinner me niets van Syrië. Winkelen op de markt vind ik het leukst van hier wonen.’

Naar boven

Naar boven

Naar boven

‘Mijn opa tilde me altijd op en haalde mij op om te spelen. Ik herinner me dat ik met mijn vader en moeder in Syrië ‘s nachts gingen wandelen. En dat we iets zoets kochten. Ik was klein. En mijn broer liet een strijkijzer op mijn voet vallen.
Ik voel me veilig. Een keer ging ik helemaal alleen langs mijn tante. Ik ben bang voor mijn vader als hij boos is. Ik heb twee broers en een zus. Ik hou van mijn neven. Zij wonen hier.’ 

Naar boven

'Mijn naam is Hala. Ik ben geboren in Syrië. Ik had een heel groot huis. Ik kan me herinneren dat mijn oma mij speelgoed gaf. Ik had een witte kamer met een kast, met veel kleren erin. Ook had ik in Syrië veel speelgoed. Ik kan me niet herinneren dat we hier kwamen. 
's Ochtends kleed ik me aan. Ik neem mijn paraplu mee omdat het meestal regent. Op school zijn er veel activiteiten en spelen we vaak. De leraar maakt tekeningen, die ik meeneem naar mijn moeder. Zij maakt schilderijen. Toen ik begon op school, gaven ze me veel speelgoed en notitieboeken. Mijn notitieboek is bijna vol, er zijn nog maar twee pagina’s over.
Mijn caravan hier is heel wit. Mijn vader wil er een voor mij en mijn broer maken om in te slapen. We zijn met zijn vieren: ik, mijn broer en mijn ouders. Ik voel me veilig, maar ik weet niet waarom. Ik ben bang voor katten, honden en geesten. Alles maakt me blij.’

Naar boven

‘In Syrië woonden we op een mooie boerderij, met rozen. Ik weet nog dat de eigenaar van de boerderij ons een keer meenam naar de supermarkt en daar nieuwe schoenen voor mij kocht. Mijn vader werkte als kok op de boerderij, maar verdiende daar niet veel, dus vertrokken we naar dit kamp. Ons huis heeft foto’s van Assepoester en Sneeuwwitje. Ik woon hier met mijn vader, moeder, jongere broertje en twee andere zusjes.
De leraren zijn erg aardig. Ik heb veel vrienden gemaakt. We spelen en lezen verhaaltjes. Mijn lievelingsvak is wiskunde. In het begin vond ik leren erg moeilijk, maar nu doe ik het heel goed. Mijn zus komt hier elke dag en kan al tellen in het Engels.   
Als mijn moeder mij ‘s avonds bij haar roept en ik naast haar zit, voel ik me veilig.'

Naar boven

‘Ik ben 7 jaar en weeg 20 kg. Ik heb broers in Syrië van wie ik helemaal niets weet. We wonen hier met zijn vijven: mijn oma, oom, tante en zusje. Ik hou van mijn huis en familie. Mijn favoriete speelgoed is mijn chimpansee. Haar naam is Kanya. Ik ga altijd naar school, behalve als ik ziek ben. Ik doe graag mijn huiswerk. 
Ik ben geboren in Syrië, maar daar kan ik me niets van herinneren. Ik weet nog dat mijn moeder mij meenam naar Damascus. Ik weet ook nog dat Assad ons uit het land heeft verdreven en Syrië heeft beschadigd. Mijn vader is overleden. Ik herinner hem nog, hoe hij mij een paarse trui met paarse hartjes gaf. Die draag ik nog steeds. Iemand vertelde mijn moeder toe dat mijn vader dood was. Ze geloofde het niet en ging het uitzoeken. Nu is hij in de hemel.
Mijn oma geeft mij een veilig gevoel. Ze geeft mij weleens 5 JD en 25 cent. Ik ben blij als ik bij mijn oma ben en wanneer we naar mijn tante in Jordanië gaan.'

Naar boven

Naar boven

‘Ik herinner mij Syrië en de reis hiernaartoe niet. Ik woon hier met mijn ouders, broers en zussen in een heel mooi huis. We hebben drie caravans, duiven en een plaatsje tussen de caravans. De duiven vliegen weg en komen uit zichzelf weer terug.
Mijn vijfde broer is teruggegaan naar Syrië, net als mijn oudere zus die daar getrouwd is. We spreken met ze via WhatsApp, het gaat goed met ze. Ik word blij als ik met ze praat. Ik hou van het kamp en de zee, om in het schone water te zwemmen met de andere meisjes.
Ik ga nu naar de tweede klas. Ik doe mijn huiswerk en ik luister naar mijn leraar. Na school gaan we altijd meteen naar huis. Ik hielp mijn leraar met het ordenen van speelgoed en ik kreeg danslessen.’

Naar boven

‘Ik heb geen herinneringen aan Syrië. Mijn ouders vertellen me er wel over. Soms gaan we naar het restaurant, waar we shoarma eten. Dat vind ik leuk.'

Naar boven

‘Ik weet niks van Syrië. Het is mijn droom om tandarts te worden. Ik wil alle gaatjes van mijn familie vullen. Ik ben nog nooit buiten het kamp geweest.’

Naar boven

‘Twee jaar geleden ben ik aangekomen in het Azraq Kamp. Ik herinner me dat ik verstoppertje speelde in Syrië. Drie van mijn vrienden hier ken ik uit mijn geboortestad.’

Naar boven

‘Mijn ouders hebben me veel verteld over Syrië. Nu mis ik het heel erg. Ik vind het park in Zarqa het leukst.’

Naar boven

‘Ik was vier jaar oud toen ik hier kwam. We praten thuis niet over Syrië. We wonen naast de school. Ik speel voetbal en soms gaan we naar Amman met de taxi. Ik hou van auto’s, en vooral van taxi's.’

Naar boven

‘Ik ga naar school, maar zit nu niet op school. Ik hou van voetballen met vrienden. Ik ben geboren in Syrië.'

Naar boven
Scroll om door te gaan
Swipe om door te gaan